Taal en rekenen

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) wil in alle onderwijssectoren het taal- en rekenniveau op orde brengen. Met zogenaamde referentieniveaus zijn voor alle onderwijsniveaus de eisen voor taal en rekenen vastgesteld. De referentieniveaus voor het mbo worden opgenomen in de kwalificatiedossiers vanaf 2010-2011. Het is aan de onderwijsinstellingen zelf om het onderwijs zo in te richten, dat deelnemers dat niveau halen.

 

Referentieniveaus

De referentieniveaus (2F voor mbo 1-2-3, 3F voor mbo 4) worden vanaf 1 augustus 2010 verplicht. Ook wanneer onderwijsinstellingen in het overgangsjaar 2010-2011 opleidingen starten op basis van kwalificatiedossiers waarin het referentie­niveau nog niet is opgenomen, zullen de deelnemers dit niveau moeten behalen. Het ministerie van OCW zal de referentieniveaus in het mbo deels toetsen via centraal ontwikkelde examens.

Op verzoek van het ministerie van OCW hebben de kenniscentra de referentieniveaus opgenomen in kwalificatiedossiers mbo.

 

Meer informatie over taal en rekeneisen in kwalificatiedossiers 2010-2011.

 

 

Centrale examens

Voor de opleidingen op niveau 4 zijn er vanaf cohort 2011-1012 pilotexamens. Vanaf cohort 2013-2014 worden de referentieniveaus voor alle mbo-4 studenten verplicht centraal geëxamineerd. De staatssecretaris heeft in december 2009 besloten de invoering van centrale examens voor taal en rekenen uiteindelijk ook voor niveau 2 en 3 verplicht te stellen.

Meer informatie over taal en rekenen in het mbo vindt u op de website van het Steunpunt taal en rekenen mbo: www.steunpunttaalenrekenenmbo.nl